Blinde vlek

Elke ouder heeft een blinde vlek voor zijn kind. Over zelfbescherming, onzekerheid over de toekomst en waarom positiviteit en talenten het uitgangspunt moeten blijven.

Natuurlijk heb ik best wel een blinde vlek als het gaat om mijn kind. Ik vind hem fantastisch, net zoals ik zijn zussen en broertje ook fantastisch vind. En ik zie vooral de positieve kanten. Alles komt goed — dat spreekt vanzelf.

Die vlek heeft iedereen wel, denk ik. Van je eigen kind, of van iemand anders van wie je heel veel houdt, zie je bepaalde minder aantrekkelijke eigenschappen of nadelen niet.

Ik visualiseer het als een ruimte achterin mijn hoofd die afgeschermd is met een grote zwarte cirkel. Daar parkeer ik alles wat ik liever niet zie of hoor. Waar dat in het begin misschien vooral onbewust gebeurde, merk ik dat ik tegenwoordig ook wel eens bewust gebruikmaak van mijn blinde vlek. Dat kan om van alles gaan, maar het zijn vooral gedachten, ervaringen en opmerkingen die gerelateerd zijn aan Hárris’ toekomstperspectief.

Ik wil het graag uitleggen, want het is — zoals je misschien wél verwacht — geen ontkenning. Ik gooi die gedachten niet weg; ze zijn er wel, maar ik kies ervoor er niet te veel bij stil te staan. Het is zelfbescherming, denk ik.

En waar ik me, omdat ik dat nodig heb, hyperfocus op zijn talenten, zie jij misschien ook wel wat achter mijn blinde vlek bestaat: een kind met een onzekere toekomst.

Maar ik kan daar niet in blijven zwelgen — dat helpt me niet, en daarmee help ik hem ook niet. We varen beter op positiviteit, op actie, op uitgaan van competentie, op zoeken naar zijn talenten. Dat móet het uitgangspunt zijn, want anders redden we het niet. Te ver vooruitkijken geeft te veel stress; daarvoor is er te veel onzekerheid. Dit is waar onze keuzes op gebaseerd zijn.

En zo groeien we samen naar zijn toekomst — met kleine stapjes die, in het licht aan de andere kant van mijn blinde vlek, fantastisch grote stappen zijn. Die heel veel hoop schetsen en een rooskleurig toekomstbeeld. Van een gelukkig kind dat leert op zijn eigen tempo en op zijn eigen manier, op een plek waar iedereen blij is dat hij er is, zoals hij is. En soms spiek ik even achter die grote zwarte cirkel — maar dat doe ik liever niet te vaak.